Inwoners van Sevenum krijgen voorlopig geen lelieteelt naast hun huis. Het gerechtshof van Den Bosch bevestigde dinsdag het verbod op lelieteelt naast een woonwijk in het Limburgse dorp. Voor de teelt zijn veel bestrijdingsmiddelen nodig, die mogelijk schadelijk zijn voor de gezondheid.

De uitspraak is de derde juridische nederlaag voor Nederlandse lelietelers in iets meer dan een jaar tijd. Vorig jaar legde de rechtbank Roermond in een kort geding al een verbod op. In april oordeelde de Raad van State in een andere zaak dat lelieteelt mogelijk schadelijk is voor de natuur, en dus vergunningsplichtig. Donderdag bevestigde het hof het eerdere verbod, en de kritiek op het handelen van het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb).

Voor de teelt van lelies zijn uitzonderlijk veel bestrijdingsmiddelen nodig. Het wetenschappelijke bewijs dat die middelen bij mensen tot neurodegeneratieve ziektes kunnen leiden, zoals parkinson, groeit de laatste jaren. Ook lijken ze invloed te hebben op de ontwikkeling van (ongeboren) kinderen. In de toelatingsprocedure van het Ctgb is echter geen aandacht voor dergelijke risico’s. Ook heeft Nederland niet de vereiste risicobeoordeling laten uitvoeren. Het Ctgb bevestigt dit.

Voorzorgsbeginsel

Het gerechtshof oordeelt dat dit in strijd is met het zogeheten voorzorgsbeginsel. Hoewel de middelen die de teler wil gebruiken zijn toegestaan, kan hij er dus niet van uitgaan dat het gebruik niet ten koste zal gaan van de gezondheid van omwonenden. Het hof verbiedt daarom lelieteelt op het perceel tot eind 2028.

Het hof wijst er ook op dat Nederland de Europese richtlijn omtrent duurzaam gebruik van pesticiden niet goed heeft ingevoerd. Daarin staat dat lidstaten het gebruik van zulke middelen in de buurt van kwetsbare groepen, zoals kinderen en ouderen, moeten minimaliseren. Dat is niet in de Nederlandse wet opgenomen, waardoor de bescherming van die kwetsbare groepen tekortschiet.

De zaak is aangespannen door 35 omwonenden van het perceel. Sommigen wonen op enkele tientallen meters van de grond waar de lelies zouden verschijnen. De teler bood aan een bufferzone aan te houden van 50 meter en het aantal middelen te beperken, maar dat was voor de omwonenden niet genoeg. Zeven van de middelen die hij wilde gebruiken, kunnen mogelijk hersenschade aanrichten.

‘Sectoraangelegenheid’

In mei vorig jaar oordeelde de rechtbank Roermond dat de kans op gezondheidsschade bij omwonenden zwaarder weegt dan het commerciële belang van de teler. Daarbij wees de rechter op het hoge gebruik van bestrijdingsmiddelen bij lelieteelt en het feit dat resten daarvan tot op 250 meter afstand terug worden gevonden.

De teler zelf zag aanvankelijk af van hoger beroep, maar brancheorganisaties LTO en KAVB noemden de zaak een ‘sectoraangelegenheid’. Zij zagen de uitspraak als een bedreiging voor de lelieteelt in heel Nederland. De teler ging alsnog in beroep en zei tijdens de zitting: ‘Ik zit hier voor al mijn collega’s.’

Het vonnis van de rechtbank geldt vooralsnog alleen voor het perceel in Sevenum, en tot 2028. Maar ook elders in het land hebben omwonenden rechtszaken aangespannen tegen lelietelers. Deze uitspraak versterkt hun positie in de rechtbank.

‘We zijn enorm opgelucht’, zegt Carel Otten, een van de omwonenden. ‘Nu hopen dat de overheid overmatig pesticidengebruik rondom woningen gaat verbieden, zodat wij niet meer tegenover telers in de rechtbank hoeven te staan.’

Dit artikel stond op 22-07-2025 in De Volkskrant.