In de media
Convenant over vermindering van pesticiden gaat niet ver genoeg volgens natuurorganisaties
Natuurorganisaties weigeren hun handtekening te zetten onder het convenant van staatssecretaris Silvio Erkens van Landbouw over het gebruik van pesticiden. Ze vinden de dinsdag gesloten afspraken met de sector ‘te vaag en te vrijblijvend’.
Een doelstelling van het hoofdlijnenconvenant gewasbeschermingsmiddelen is ‘polarisatie te verminderen en draagvlak te vergroten’, schrijft Erkens dinsdag in een Kamerbrief. De VVD’er is daarbij gestruikeld over de eerste horde, want de twee natuurorganisaties die deelnamen aan het overleg staan niet achter het voorlopige onderhandelingsresultaat. De aloude tegenstelling tussen milieubelang en landbouwbelang is springlevend.
De natuurorganisaties Natuur & Milieu en LandschappenNL onderhandelden sinds begin mei met vier landbouworganisaties, Erkens’ ministerie en lagere overheden over verlaging van het pesticidengebruik in tuin- en akkerbouw. Het sluiten van een convenant hierover is afgesproken in het coalitieakkoord van D66, VVD en CDA. Oud-ChristenUnie-politicus Gert-Jan Segers zat de gesprekken voor.
Erkens wil juridisch bindende afspraken maken die moeten leiden tot een ‘forse’ daling van het gebruik van bestrijdingsmiddelen voor 2040. Voor de jaren 2030 en 2035 moeten er tussendoelen komen. Het uiteindelijke akkoord moet niet alleen de hoeveelheid bestrijdingsmiddelen in Natura 2000-gebieden verminderen, maar ook de gezondheidsrisico’s voor omwonenden.
Eerste stap
Het nu gesloten hoofdlijnenconvenant is slechts een eerste stap. Na de zomer moeten de partijen per landbouwsector deelakkoorden sluiten met concrete afspraken over reductiedoelen en de juridische borging daarvan. Erkens wil die vervolgakkoorden al voor eind dit jaar sluiten.
Lees het hele artikel in De Volkskrant.
Brede handhaving op pesticiden nabij Friese Natura 2000-gebieden
Ondanks dat de Raad van State eerder heeft bevestigd dat de uitspraak in de zaak rondom het Drentse Holtingerveld alleen de lelieteelt betrof, ziet Provincie Friesland dit wel als aanleiding om te handhaven bij alle percelen rondom Natura 2000-gebieden waar pesticiden gebruikt worden. Voor 38 landbouwpercelen in Friesland is een vergunningsplicht. Er zijn waarschuwingsbrieven verstuurd naar de perceeleigenaren.
Volgens Gedeputeerde Staten krijgen de eigenaren de kans om binnen een periode van één jaar de overtreding op te heffen. Dit kunnen zij onder andere doen door het uitvoeren van een ecologisch onderzoek waarin wordt aangetoond dat negatieve effecten voor Natura 2000-gebieden door het gebruik van pesticiden zijn uitgesloten of door het gebruik van pesticiden te staken. Ondanks dat is ook eerder aangegeven dat dit voor individuele ondernemers zo goed als ondoenlijk is.
Zwaluwen vallen dood neer door insecticiden
Insecticiden blijken de doodsoorzaak van zwaluwen die in groten getale dood zijn aangetroffen. Dit blijkt uit nieuw onderzoek van Wageningen Universiteit waarover dagblad Trouw schrijft. Extra zorgwekkend is dat de vogels de insecticiden mogelijk via inademing hebben binnengekregen.
“We hebben de vogels getest op 648 verschillende pesticiden. Van twee insecticiden vonden we opvallende waarden. Op de veren van de vogels zaten hoge gehalten permetrine en tetrametrine. Van twee vogels konden we ook de hersenen analyseren en ook daar vonden we het gif. In de maag en de lever vonden we juist géén hoge gehalten,” vertelt wetenschapper Aafke Saarloos in Trouw.
“De besmetting op de veren en niet in de maag of de lever, duidt op besmetting via de lucht,” stelt hoogleraar Nico van den Brink in hetzelfde artikel. “Het kan zijn dat het gif via de veren en de dunne vogelhuid in het bloed is opgenomen en daarmee ook in de hersenen terecht is gekomen. Het kan ook zijn dat het is ingeademd. Want als het op de veren zit, kan het net zo goed in de snavel zijn beland.”
Van den Brink: “Bij de toelating van pesticiden kijken we volgens de Europese regels heel goed naar de risico’s voor vogels en zoogdieren, wanneer zij die stoffen via de maag binnenkrijgen. In de EU-richtlijnen staat wel een opmerking over mogelijke andere blootstellingsroutes, maar daarop wordt tot nu toe niet getest. Volgens ons zou dat met deze gegevens in de hand wel moeten gebeuren.”
Lees hier het gehele artikel van Trouw, gepubliceerd op 22 april 2026
Mogelijk verbod op bestrijdingsmiddelen met PFAS
De autoriteit die bestrijdingsmiddelen toelaat, heeft sterke aanwijzingen dat 46 middelen met PFAS erin van de markt moeten omdat ze ons drinkwater bedreigen. Dit bericht NOS op 21 april 2026.
“Vanaf deze week houdt het Ctgb de 46 middelen tegen het licht. Aanleiding is recent Deens onderzoek. Daaruit blijkt volgens het Ctgb dat PFAS-stoffen in bestrijdingsmiddelen afbreken tot TFA: een minuscule PFAS-variant die nauwelijks afbreekt, makkelijk in het grondwater terechtkomt, zich daar opstapelt en mogelijk schadelijk is voor de voortplanting.
Het Ctgb wil weten hoe de nieuwe Deense kennis uitpakt in de Nederlandse situatie. “De nieuwe Deense inzichten stoppen we in onze eigen grondwatermodellen. Daaruit moet blijken of de hoeveelheid TFA die in het grondwater sijpelt onder de Europese normen voor grondwater blijft”, legt Huisman uit.”
In Hof van Twente werd de lelieboer weggejaagd, maar dat kan na de verkiezingen weer helemaal anders zijn. ‘Lelies mooi? Niet als u dit weet’
In Hof van Twente is lelieteelt de komende anderhalf jaar verboden. Een bollenteler zorgde voor onrust in de dorpen én mensen maken zich zorgen over hun gezondheid. CDA stemde tegen de lelieteler, maar BBB en FVD – die voor het eerst meedoen aan de lokale verkiezingen – willen het besluit terugdraaien. „Één-op-één gesprekken met raadsleden hebben echt het verschil gemaakt.”
Daar, achter die rij eiken, kwam de machine met gewasbeschermingsmiddelen zeker eens per week over het lelieveld. Menno Huge wijst vanuit zijn keukenraam, in het voorhuis van een oude boerderij, over de weg. Eén perceel was het, recht tegenover zijn huis, twee jaar geleden nu.
De stoffen belandden op zijn moestuin, op de was aan de lijn, bij buren op de trampoline van de kinderen. Elke keer dat de machine spoot raakten de mensen hier in het buitengebied van Markelo iets bezorgder. Met een groepje buurtgenoten besloot Menno Huge, gepensioneerd medewerker van Natuurmonumenten, in actie te komen. Met succes. Via een uitgekiende volkslobby heeft hun ‘actiecomité’ eraan bijgedragen dat het stopt: de gemeenteraad in Hof van Twente besloot in februari dat sierteelt de komende anderhalf jaar verboden is.
Lees het hele bericht van 08-03-2026 in het NRC.
Westerveld neemt eindelijk actie, maar onvoldoende
Vanavond heeft de gemeenteraad in Westerveld eindelijk in actie gekomen: binnen een straal van 50 meter rondom woonwijken, scholen en zorginstellingen mag geen lelieteelt meer plaatsvinden.
50 meter is nog niet voldoende om burgers te beschermen, aangezien metingen laten zien dat in de eerste 250 meter rondom akkers de hoeveelheid gevonden pesticiden nog nauwelijks afneemt.
Wel betekent het dat de gemeente eindelijk erkent dat burgers beschermd dienen te worden tegen overmatig pesticiden gebruik.
Het besluit volgt op een jarenlange discussie waarin vele AARDige Buren – met als eerste de Boterveen groep-in actie kwamen tegen lelies vanwege de gevolgen van lelieteelt voor de gezondheid van omwonenden.
Met zo’n 400 hectare lelievelden is Westerveld één van gemeenten waar momenteel de meeste teelt plaatsvindt.
Sinds AARDige Buren opstonden in Boterveen, is de discussie overal in het land waar de sierbloemen worden gekweekt opgewaaid. Met name in het noorden en oosten, raakten de gemoederen in de afgelopen jaren verhit.
Lees en kijk meer op NOS.
Hof van Twente verbiedt voor 1,5 jaar alle lelieteelt
Lelieteelt in de gemeente Hof van Twente wordt de komende anderhalf jaar verboden. Dat heeft de gemeenteraad op besloten. Daarbij is er gekozen voor de meest strenge optie, waarbij de stem van het CDA doorslaggevend bleek.
Over de teelt van lelies en andere niet-biologische sierteelt wordt al tijden gesproken in Hof van Twente. Grootste zorg is het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en de gevolgen voor gezondheid en leefomgeving. Omwonenden kwamen in opstand en richtten een actiecomité op.
Hof van Twente heeft nu een termijn van anderhalf jaar om de regelgeving te verwerken in een concreet omgevingsplan.
Het is hopen dat de landelijke overheid snel komt met eenduidige maatregelen die mens, dier en natuur beschermen tegen overmatig gebruik in de lelieteelt.
Lees meer op RTV Oost: Knoop doorgehakt: tijdelijk verbod op sierteelt in Hof van Twente is daar – Oost
Rechter wil dat overheid inzage in bestrijdingsmiddelen biedt
Omwonenden, drinkwaterbedrijven en andere belanghebbenden moeten de mogelijkheid hebben om op te vragen welke bestrijdingsmiddelen agrarische bedrijven in hun omgeving hebben gebruikt. De rechtbank Noord-Nederland heeft Vereniging Meten=Weten daarin gelijk gegeven, na een slepende zaak tegen de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur.
Binnen twaalf weken moet die een nieuw besluit nemen.
Dat besluit is aan de minister, maar die moet wel rekening houden met de vonnissen in twee vergelijkbare zaken. Beroep is overigens ook nog een optie. Op dit moment is Femke Wiersma (BBB) nog de minister die hierover gaat, maar het is goed mogelijk dat binnen de gestelde termijn haar opvolger aan de slag gaat.
Gezondheidsoverwegingen
In een van de uitspraken leggen de rechters uit dat EU-wetgeving zo is bedoeld dat het voor omwonenden mogelijk moet zijn om te controleren “in hoeverre gewasbeschermingsmiddelen zijn ingezet in hun fysieke leefomgeving”. Dat stelt hen “in staat tot het maken van gezondheidsoverwegingen”.
De minister had verzoeken om informatie geweigerd, omdat de overheid niet beschikt over alle gevraagde informatie en die daarom ook niet kan vrijgeven op basis van de Wet open overheid (Woo). Ook de rechters zien in de Woo geen goede onderbouwing.
Ze wijzen echter wel op verplichtingen uit de EU-verordening over gewasbeschermingsmiddelen. Op basis daarvan moet de minister gegevens die Meten=Weten wil inzien volgens de rechtbank opvragen bij bedrijven. Die zijn verplicht hier een registratie van bij te houden.
Meten=Weten noemt de uitkomsten “een geweldige stap voorwaarts in het vergroten van de transparantie van de landbouwsector”. De organisatie verwacht dat veel anderen nu ook spuitgegevens zullen opvragen.
Dit artikel is op 20-01-2026 gepubliceerd op Villamedia.
Wat is de stand van zaken in de lelieteelt? Van waarschuwende huisarts tot nieuwe regels in gemeente Westerveld
In de afgelopen maanden belichtte DVHN van alle kanten de leliebollenteelt in Drenthe. In deze laatste aflevering van de serie plaatsen we alles nog eens in perspectief. Wat hebben we ervan opgestoken? Wat is de stand van zaken in de lelieteelt nu?
Het begon allemaal met een interview met Evelien van Soldt in DVHN op 10 mei vorig jaar. De huisarts in Wapserveen zag in haar praktijk en haar omgeving naar eigen zeggen opvallend veel patiënten met Parkinson, ALS en kanker. Ook constateerde ze meer vroeggeboorten en aangeboren afwijkingen bij kinderen.
Al snelde legde ze het verband met het gebied waar ze woont en het feit dat er veel leliebollen worden geteeld, en de hoeveelheid gewasbeschermingsmiddelen die op lelies worden gespoten. „Het is al jarenlang bekend dat mensen grote risico’s lopen door blootstelling aan bestrijdingsmiddelen”, liet Van Soldt optekenen door de dienstdoende verslaggeefster.
‘Ja, ik durf dit’
„Ja, ik durf dit”, sprak Evelien van Soldt zich uit, „iemand moet het doen en ik heb de kennis.” Dat was moedig, want de polarisatie over de lelieteelt in Drenthe groeide. Tot bekladdingen, intimidaties en bedreigingen aan toe. Ook het gezin van de huisarts kreeg daarmee te maken. Niet in de laatste plaats omdat haar echtgenoot Rieuwert de Haan zich ook steeds nadrukkelijker roerde als actievoerder tegen de lelieteelt.

Het overigens ongestaafde verband dat Van Soldt legde tussen de vele ziektegevallen in haar praktijk en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in de sierteelt, triggerde de Drentse redactie van deze krant.
We besloten daarop zelf maar op onderzoek uit te gaan. Zijn de bestrijdingsmiddelen echt zo schadelijk voor onze gezondheid? Wat gebeurt er aan onderzoek? Wat doet de overheid om ons, inwoners van Drenthe, te beschermen? Wat doen de telers zelf om het middelengebruik terug te dringen? En last but not least: wordt er echt goud verdiend met die lelieteelt in Drenthe? Of ligt het allemaal een stuk genuanceerder?
Illegaal bezig
In de verhalenserie over de bollenteelt gingen we onder anderen op bezoek bij natuurbeschermer Geert Starre uit Meppel. Voor hem is het zo klaar als een klontje: we moeten direct stoppen met het gebruik van pesticiden. De zelfbenoemd jurist vocht menig robbertje uit in de rechtszaal tegen bijvoorbeeld de provincie Drenthe. „Iedereen die met een veldspuit het akkertje opgaat in Europa is illegaal bezig”, aldus Starre.
„Waarom zou je een gewas telen waar zoveel schadelijke stoffen voor nodig zijn”, vroeg hoogleraar milieu- en gezondheidrisico’s Jeroen van der Sluijs zich af. Hij maakte zich vooral zorgen over het welzijn van insecten in de buurt van leliepercelen.
‘Ongezond voor de mens’
Frans Rooijers en Guido Nijland van burgerinitiatief Meten=Weten plaatsten op hun beurt vraagtekens bij onderzoeksinstituten Ctgb en RIVM. „Er is geen norm voor de hoeveelheid giftige stoffen in de lucht. Je ademt het in, 24 uur per dag, zeven dagen per week (..) Dat is ongezond voor de mens. Dat is wetenschappelijk bewezen.”
Wetenschapsjournalist Simon Rozendaal wordt heel moe van dat soort beweringen. De als chemicus opgeleide Rozendaal schreef een boek over de zin en onzin van toxische stoffen: Paniek om niets. Hij noemt de discussie over de lelieteelt een ‘fantoomprobleem’.
Vitamine D2 is honderd keer zo toxisch als gewasbeschermingsmiddel glyfosaat
Want het gaat er niet om dát die stoffen worden aangetroffen, maar in welke mate ze toxisch en dus schadelijk zijn, stelde Rozendaal in een interview met deze krant. „Vitamine D2 is honderd keer zo toxisch als gewasbeschermingsmiddel glyfosaat.”
Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb), gevestigd op het Horapark in Ede, is gewend aan de voortdurende kritiek op hun toelatingen van toxische stoffen in bestrijdingsmiddelen.
„Gewasbeschermingsmiddelen behoren tot de best onderzochte stoffen ter wereld. We zouden geen middelen toestaan als we weten dat ze risicovol zijn”, weerlegde Nicole van Straten, manager gewasbeschermingsmiddelen van het Ctgb, de kritiek. De (Europese) normen zijn al streng, in Nederland worden de teugels nog strakker aangetrokken. „We zijn honderd keer strenger dan strikt noodzakelijk.”
Verband glyfosaat en Parkinson?
We brachten ook een bezoek aan het Rijkinstituut voor Volksgezond en Milieu (RIVM) in Utrecht. Daar wordt momenteel onderzoek gedaan naar het verband tussen het in de landbouw populaire bestrijdingsmiddel glyfosaat en een ziekte als Parkinson. Feit is dat die relatie nu nog steeds niet onomstotelijk vaststaat, ondanks alle beweringen en publicaties daarover.

Het RIVM gaat daarbij niet over één nacht ijs. Hun wetenschappelijke onderzoeken SPARK en OBO-2 nemen enkele jaren in beslag. „Een causaal verband is de heilige graal. Dat willen we heel graag en daar werken we hard voor”, sprak projectleider en neurotoxicoloog Harm Heusinkveld de hoop uit wetenschappelijk bewijs te leveren dat die directe relatie tussen glyfosaat en Parkinson bestaat. Of juist niet.
Geboorte van Drentse lelie
De maatschappelijke onrust over het gebruik van bestrijdingsmiddelen in de lelieteelt, al dan niet terecht, leidde er in ieder geval toe dat de achttien lelietelers in Drenthe zelf in beweging kwamen. In het project Duurzame Bollenteelt Drenthe, onder leiding van het Hilbrands Laboratorium (HLB) in Wijster, werden spectaculaire resultaten geboekt. De milieu-impact van de Drentse lelieteelt werd in vijf jaar met 50 procent teruggebracht.
De verduurzamingsslag kreeg een nieuwe impuls met de ‘geboorte’ van de Drentse lelie. Over drie jaar moet de lelieteelt qua gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op hetzelfde niveau zitten als bijvoorbeeld de teelt van aardappelen.

Het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) bevestigde onlangs in een nieuw onderzoek dat het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in de lelieteelt de afgelopen vier jaar meer dan gehalveerd is.
Het betreft hier overigens landelijke cijfers. Want volgens HLB is de situatie in Drenthe zelfs nog aanmerkelijk gunstiger. „Ik vermoed dat we nu nog maar op zo’n 20 kilo gewasbeschermingsmiddelen per hectare lelieteelt zitten”, becijferde HLB-projectleider Ben Seubring.
Nieuwe bollensoorten
De provincie Drenthe jaagt de ontwikkelingen op de Drentse lelievelden aan met een forse subsidie van 750.000 euro en wil dat de telers hun progressie monitoren en zelfs publiek maken.
De telers zijn niet onverdeeld gelukkig met al die bemoeienissen van bovenaf. Zij zien wel de noodzaak van vergroenen. Maar de bijbehorende investeringen zijn fors. Er moeten compleet nieuwe bollensoorten worden aangeschaft, getest en ontwikkeld. Links of rechts mislukt nog wel eens een complete oogst. Dat kost kapitalen.
Lelies het nieuwe goud?
Dat de lelies het nieuwe goud zijn op het land, wordt door de sector zelf hevig betwist. Ja, de opbrengsten zijn hoog in vergelijking met andere teelten. Maar de risico’s ook. „Je doet het goed als de helft van alle hectares überhaupt geld oplevert”, constateerde lelieteler Gert Veninga uit Hijken in een tweeluik over de economie van de lelieteelt.
Los van de opbrengsten zijn er inmiddels andere zorgen voor de Drentse lelietelers. ‘s Lands hoogste bestuursrechter, de Raad van State, oordeelde vorig jaar dat de telers onverwijld moeten aantonen dat hun activiteiten geen schade toebrengen aan kwetsbare natuur, anders krijgen zij geen vergunning om te telen. De provincie Drenthe, die moet toezien op de handhaving, werkt nu samen met de telers aan een soort generieke voortoets.

Jurist Lolke Braaksma, verbonden als docent aan de Rijksuniversiteit Groningen, stelde vast dat regionale overheden best meer mogen doen om omwonenden te beschermen tegen de mogelijke schadelijke gevolgen van het gebruik van bestrijdingsmiddelen.
In een interview met DVHN riep Braaksma provincie en gemeenten op zelf in actie te komen bij gebrek aan landelijke regelgeving. „Vaak wordt tegen een omwonende gezegd: ga zelf maar met de boer praten. Dat is niet de oplossing. De overheid moet zijn verantwoordelijkheid nemen, regels opstellen.”
Geen nieuwe sierteelt in Westerveld
Welnu, de provincie Drenthe verbiedt inmiddels de teelt van lelies binnen 250 meter van Natura 2000-gebieden. De gemeente Westerveld kondigde half december aan dat geen nieuwe sierteelt wordt toegestaan in de gemeente binnen een straal van 50 meter van bebouwing, sportvelden of scholen. Tegenstanders gaat het allemaal niet ver genoeg. Zij eisen dat het pesticidengebruik per direct wordt verboden.
Hoe het allemaal gaat uitpakken in de toekomst, zowel voor bezorgde omwonenden als voor de leliesector zelf, zal moeten blijken. Deze verhalenserie over de bollenteelt mag dan zijn gestopt, het laatste woord is er zeker niet over geschreven.
Dit bericht is op 6-1-26 gepubliceerd in Dagblad van het Noorden
Na jaren van bewonersprotesten stelt Drentse gemeente tijdelijk sierteeltverbod in
De Drentse gemeente Westerveld verbiedt uitbreiding van sierteelt. Het gaat om een tijdelijke maatregel vooruitlopend op nieuwe regels. Veel bewoners van de gemeente maken zich zorgen over hun gezondheid omdat telers gebruikmaken van bestrijdingsmiddelen.
“Wij willen onze verantwoordelijkheid nemen”, zegt wethouder Frank Foreman (VVD) bij RTV Drenthe. “Er leven zorgen bij onze inwoners, maar ook bij de telers. Wij vinden dat we duidelijkheid moeten bieden.”
In Westerveld, met kernen als Diever, Dwingeloo en Havelte, werd de afgelopen jaren vaak gedemonstreerd door bewoners, maar soms ook door lelietelers.
De sierteelt is omstreden nadat in 2019 op meerdere plekken in Drenthe in de buurt van lelieteelt 57 verschillende soorten bestrijdingsmiddelen werden gevonden in groenten en in de bodem. Het RIVM concludeerde twee jaar later dat er een mogelijk verband is tussen die bestrijdingsmiddelen en neurodegeneratieve ziektes, zoals de ziekte van Parkinson.
Vijftig artsen, onder wie huisartsen, kinderartsen en jeugdartsen, riepen de gemeente Westerveld vorig jaar op om het gebruik van pesticiden dicht bij omwonenden per direct te verbieden.
Leliekwekers zelf zeggen dat ze zich aan de wet houden en alleen middelen gebruiken die zijn toegelaten door het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb).
Bewonersdemonstraties
De gemeente bemiddelde de afgelopen jaren meermalen tussen bewoners en telers om rechtszaken te voorkomen. Daarnaast moet wethouder Foreman regelmatig opdraven als bewoners protesteren tegen de aanleg van een sierteeltveld in de buurt van een basisschool of woonwijken.
“Ieder jaar staan we bij scholen en voeren we dezelfde gesprekken”, stelt hij. “Dan moeten we telers vragen te vertrekken op vrijwillige basis. Dat kan anders.”
We zijn een kleine gemeente en hebben geen kas om grote financiële risico’s te lopen. Frank Foreman, wethouder in gemeente Westerveld
Om te voorkomen dat boeren hun areaal fors uitbreiden of een nieuw veld aanleggen, komt hij nu met een tijdelijk verbod. In februari wil Foreman met definitieve regels komen. Hoe die er uit gaan zien, is nog niet duidelijk.
Op basis van onderzoek heeft de gemeente een aantal scenario’s uitgewerkt: van een totaalverbod tot helemaal niets doen. De voorlopige voorkeur van de wethouder en zijn collega-bestuurders gaat naar uit naar het maken van een strook van 50 meter tussen het veld met de sierteelt en de woningen en scholen. In die strook zou dan geen sierteelt meer mogen komen.
Juridisch houdbaar
“Dat blijkt juridisch het meest houdbaar”, zegt Foreman. “De Raad van State houdt nu ook 50 meter aan ten aanzien van nieuwbouw, dus dat lijkt ook handhaafbaar bij bestaande bouw. We willen geen maatregel nemen die we niet kunnen uitvoeren.”
De gemeente hoopt op deze manier ook zo min mogelijk schadeclaims van boeren te krijgen omdat ze last hebben van de maatregelen. “We zijn een kleine gemeente en hebben geen kas om grote financiële risico’s te lopen.”
Kop boven sierteeltveld
De gemeente Westerveld is een van de eerste gemeenten in Nederland die zelf initiatief neemt en regels opstelt. “We steken onze spreekwoordelijke kop boven het sierteeltveld uit”, aldus Foreman. Hij wijst erop dat ook gemeenten zoals Lochem (Gelderland), Weststellingwerf (Friesland) en Sevenum (Limburg) aan een specifiek sierteeltbeleid werken. “Wat ontbreekt is landelijk beleid. Het wordt nu een soort lappendeken.”
Het gevolg kan zijn dat uiteindelijk rechters het beleid maken, waarschuwt Foreman; omdat het niet meer gaat over wat de gemeente wil, maar wat bij de rechter standhoudt. “We willen echt dat het Rijk duidelijkheid geeft. Ook op thema’s als mest en stikstof blijft dat uit. Dat geeft in de landbouwsector veel onzekerheid.”
Dit artikel is op 18-12-25 gepubliceerd op NOS
Angst voor parkinson wint het van juridische twijfels: Lochem verbiedt lelieteelt
De angst voor parkinson, vervuild drinkwater en kapotte natuur wint het van de twijfels. De gemeenteraad van Lochem verbiedt niet-biologische lelieteelt, ook al vindt het eigen college het onnodig en lastig uitvoerbaar. „Dit soort regels horen op landelijk niveau”, zegt wethouder Marja Eggink. Maar de raad zet door.
Er mag geen niet-biologische lelieteelt meer bijkomen in Lochem, en ook bestaande percelen kunnen straks verboden worden. Dat heeft de gemeenteraad maandagavond unaniem besloten.
Bloementeelt waarbij chemische bestrijdingsmiddelen worden gebruikt, wordt eerst tijdelijk verboden totdat de nieuwe regels zijn opgenomen in het omgevingsplan.
Dat plan komt van LochemGroen! en kreeg steun van alle partijen, ondanks stevige kritiek van het college. Volgens wethouder Marja Eggink is het verbod onnodig en lastig uit te voeren. „Het gaat om een heel klein deel van ons grondgebied, slechts 0,08 procent. Wij vinden dat dit soort regels op landelijk niveau moet worden afgesproken, niet door een gemeente”, stelt ze.
Toch gaf ze aan dat het college zich aan het besluit zal houden, mits het juridisch uitvoerbaar is. „Als de raad dit besluit, voeren we het uit”, zei ze.
Brede steun ondanks kritiek
En dat gebeurde unaniem. Dus ook Marleen van der Meulen van coalitiepartij D66, ondanks haar bedenkingen. „Het verbieden van chemische middelen ligt helaas niet binnen het bereik van de gemeente. We kunnen alleen iets doen met de bestemming van percelen grond. Idealiter worden maatregelen op Europees niveau genomen, maar we stemmen wel voor.”
Ondanks de bedenkingen en kritiek vanuit het college, is Calle Janssen hoopvol over de haalbaarheid. „Het juridische advies laat geen twijfel: dit is haalbaar en het is een goed traject. Er zijn op dit moment geen aanvragen voor nieuwe lelieteelt in Lochem, maar we willen dit voor de toekomst uitsluiten.”
Gezondheid en natuur centraal
De discussie over niet-biologische sierteelt speelt al langer in Lochem. In april 2025 nam de raad unaniem een motie aan waarin het college werd gevraagd de juridische mogelijkheden voor een verbod te onderzoeken.
In september stelde het college dat een verbod niet haalbaar was. De raad trok die conclusie in twijfel en vroeg om juridisch advies van HBR Advocaten. Uit dat advies bleek dat een verbod wél mogelijk is, door eerst tijdelijke regels op te stellen en daarna het omgevingsplan aan te passen. Andere gemeenten, zoals Haaksbergen en De Friese Meren, hebben dit al gedaan.
De zorgen over niet-biologische sierteelt hebben vooral te maken met de intensieve bestrijding met chemische middelen, zoals glyfosaat. Omwonenden vrezen gezondheidsrisico’s, zoals een verhoogd risico op Parkinson, en schade aan natuur en drinkwater. Eerdere plannen voor lelieteelt in Lochem leidden tot felle protesten, waarna de gemeente de vergunning introk.
Met deze motie zet Lochem een volgende stap in de strijd tegen niet-biologische sierteelt. De komende anderhalf jaar moet blijken hoe het college dit besluit in de praktijk gaat uitvoeren en welke gevolgen het heeft voor agrariërs in de regio.
Dit bericht is op 9-12-2025 gepubliceerd in De Stentor.
Juryvoorzitter Duurzame 100 over de winnaar: ‘Pesticiden vind je in huisstof, natuurgebieden en op schoolpleinen. Dat weet nu iedereen’
Jarenlang was Meten=Weten een subtopper in de Duurzame 100. De toppositie is een kroon op het werk van de vereniging, zegt juryvoorzitter Hanneke van Ormondt. ‘Ze hebben echt wat aangezwengeld.’
De Duurzame 100 mag dan inmiddels zeventien jaar bestaan, van stilstand is allerminst sprake. Bijna de helft van de initiatieven komt dit jaar nieuw binnen. Acht van de tien categorieën hebben een nieuwe nummer 1 gekregen.
Een allesomvattende trend is daarbij lastig te bespeuren: de Duurzame 100 van 2025 biedt ruimte aan meerdere verhaallijnen. Projecten die duurzaamheid juist koppelen aan armoedebestrijding en de emancipatie van kwetsbare groepen deden het goed. Ook initiatieven die het recht inzetten om maatregelen af te dwingen wanneer de overheid dat nalaat zijn in opkomst, bijvoorbeeld in de vorm van twee collectieven van duurzame advocaten.
Ook de nummer 1 van dit jaar springt in een gat dat de overheid laat vallen. Meten=Weten maakte al jaren met eigen onderzoek duidelijk hoe wijdverspreid bestrijdingsmiddelen in de leefomgeving zijn terug te vinden. “Ze hebben echt iets aangezwengeld”, vindt juryvoorzitter Hanneke van Ormondt. “Pesticiden vind je terug in huisstof, in natuurgebieden en op schoolpleinen. Dat weet nu iedereen.” Die kennis speelde dit jaar bovendien een rol bij enkele baanbrekende uitspraken van rechters over middelengebruik.
Bestrijdingsmiddelen waren groot thema
Vooral in Drenthe, de bakermat van Meten=Weten, groeide de discussie over bestrijdingsmiddelen uit tot een groot thema. Dat was goed terug te zien in de lijst met nominaties. Daarop prijkt ook een nieuwkomer als AARDige Buren, een collectief dat omwonenden ondersteunt bij rechtszaken over pesticiden, maar dat ook via gesprekken met telers en hun buren probeert om juridische stappen te voorkomen. AARDige Buren eindigde op 7 in de categorie gezondheid.
Nieuw dit jaar was verder Gifvrij Westerveld, een initiatief van bezorgde Drentse huisartsen over de gezondheidsschade door bestrijdingsmiddelen uit de bollenteelt. Dat viel net buiten de lijst. Dat gold ook voor het Pesticide Action Network Netherlands (Pan), dat vorig jaar nog wél in de lijst stond. “De hoeveelheid initiatieven laat zien dat het thema leeft”, zegt Van Ormondt. “Meten=Weten is daarbij beloond met de eerste plaats in de lijst, maar dat straalt net zo goed af op de andere collectieven rond dit thema.”
Opvallende nieuwkomers
De jury van de Duurzame 100 bestaat uit twaalf specialisten met verschillende invalshoeken. Zij vergaderen twee middagen over wat er in de lijst met nominaties opvalt. Elk jurylid stuurt vervolgens zelf een beoordeling in: daarbij maakt ieder zijn eigen afwegingen. In die zin is de Duurzame 100-jury nooit unaniem. En zeker dit jaar niet.
“We hadden dit jaar een zeer gemêleerde jury, en dat is juist goed”, zegt Van Ormondt. “Het is mooi om de discussies te zien: ik zit bijvoorbeeld helemaal niet in de sport- en cultuurwereld en ook een deel van de startende ondernemers kende ik nog niet.” Sinds vorig jaar bestaat de Duurzame 100 uit tien verschillende categorieën met elk een eigen top 10. “Dat zorgt voor een bredere lijst.”
Welke opvallende nieuwkomers zijn haar bijgebleven? Transitietaal bijvoorbeeld, het initiatief van taalstrateeg Jens van der Weele om de terminologie van de klimaat- en duurzaamheidsdiscussie onder handen te nemen. Hij spreekt niet over het broeikaseffect, maar over een ‘hete koolstofdeken’ en ziet bijvoorbeeld de ‘plofkip’ van Wakker Dier als een succesvolle voorbeeldterm. “Heel belangrijk”, vindt Van Ormondt. “Juist rechts-populisten spelen vaak met taal en creëren zo sterke beelden. Dat zouden organisaties die zich met klimaat en natuur bezighouden veel meer kunnen doen.”
Dit bericht is op 10/10/25 gepubliceerd in Trouw
Convenant over vermindering van pesticiden gaat niet ver genoeg volgens natuurorganisaties
Natuurorganisaties weigeren hun handtekening te zetten onder het convenant van staatssecretaris Silvio Erkens van Landbouw over het gebruik van pesticiden. Ze vinden de dinsdag gesloten afspraken met de sector ‘te vaag en te vrijblijvend’.
Een doelstelling van het hoofdlijnenconvenant gewasbeschermingsmiddelen is ‘polarisatie te verminderen en draagvlak te vergroten’, schrijft Erkens dinsdag in een Kamerbrief. De VVD’er is daarbij gestruikeld over de eerste horde, want de twee natuurorganisaties die deelnamen aan het overleg staan niet achter het voorlopige onderhandelingsresultaat. De aloude tegenstelling tussen milieubelang en landbouwbelang is springlevend.
De natuurorganisaties Natuur & Milieu en LandschappenNL onderhandelden sinds begin mei met vier landbouworganisaties, Erkens’ ministerie en lagere overheden over verlaging van het pesticidengebruik in tuin- en akkerbouw. Het sluiten van een convenant hierover is afgesproken in het coalitieakkoord van D66, VVD en CDA. Oud-ChristenUnie-politicus Gert-Jan Segers zat de gesprekken voor.
Erkens wil juridisch bindende afspraken maken die moeten leiden tot een ‘forse’ daling van het gebruik van bestrijdingsmiddelen voor 2040. Voor de jaren 2030 en 2035 moeten er tussendoelen komen. Het uiteindelijke akkoord moet niet alleen de hoeveelheid bestrijdingsmiddelen in Natura 2000-gebieden verminderen, maar ook de gezondheidsrisico’s voor omwonenden.
Eerste stap
Het nu gesloten hoofdlijnenconvenant is slechts een eerste stap. Na de zomer moeten de partijen per landbouwsector deelakkoorden sluiten met concrete afspraken over reductiedoelen en de juridische borging daarvan. Erkens wil die vervolgakkoorden al voor eind dit jaar sluiten.
Lees het hele artikel in De Volkskrant.
Brede handhaving op pesticiden nabij Friese Natura 2000-gebieden
Ondanks dat de Raad van State eerder heeft bevestigd dat de uitspraak in de zaak rondom het Drentse Holtingerveld alleen de lelieteelt betrof, ziet Provincie Friesland dit wel als aanleiding om te handhaven bij alle percelen rondom Natura 2000-gebieden waar pesticiden gebruikt worden. Voor 38 landbouwpercelen in Friesland is een vergunningsplicht. Er zijn waarschuwingsbrieven verstuurd naar de perceeleigenaren.
Volgens Gedeputeerde Staten krijgen de eigenaren de kans om binnen een periode van één jaar de overtreding op te heffen. Dit kunnen zij onder andere doen door het uitvoeren van een ecologisch onderzoek waarin wordt aangetoond dat negatieve effecten voor Natura 2000-gebieden door het gebruik van pesticiden zijn uitgesloten of door het gebruik van pesticiden te staken. Ondanks dat is ook eerder aangegeven dat dit voor individuele ondernemers zo goed als ondoenlijk is.
Zwaluwen vallen dood neer door insecticiden
Insecticiden blijken de doodsoorzaak van zwaluwen die in groten getale dood zijn aangetroffen. Dit blijkt uit nieuw onderzoek van Wageningen Universiteit waarover dagblad Trouw schrijft. Extra zorgwekkend is dat de vogels de insecticiden mogelijk via inademing hebben binnengekregen.
“We hebben de vogels getest op 648 verschillende pesticiden. Van twee insecticiden vonden we opvallende waarden. Op de veren van de vogels zaten hoge gehalten permetrine en tetrametrine. Van twee vogels konden we ook de hersenen analyseren en ook daar vonden we het gif. In de maag en de lever vonden we juist géén hoge gehalten,” vertelt wetenschapper Aafke Saarloos in Trouw.
“De besmetting op de veren en niet in de maag of de lever, duidt op besmetting via de lucht,” stelt hoogleraar Nico van den Brink in hetzelfde artikel. “Het kan zijn dat het gif via de veren en de dunne vogelhuid in het bloed is opgenomen en daarmee ook in de hersenen terecht is gekomen. Het kan ook zijn dat het is ingeademd. Want als het op de veren zit, kan het net zo goed in de snavel zijn beland.”
Van den Brink: “Bij de toelating van pesticiden kijken we volgens de Europese regels heel goed naar de risico’s voor vogels en zoogdieren, wanneer zij die stoffen via de maag binnenkrijgen. In de EU-richtlijnen staat wel een opmerking over mogelijke andere blootstellingsroutes, maar daarop wordt tot nu toe niet getest. Volgens ons zou dat met deze gegevens in de hand wel moeten gebeuren.”
Lees hier het gehele artikel van Trouw, gepubliceerd op 22 april 2026
Mogelijk verbod op bestrijdingsmiddelen met PFAS
De autoriteit die bestrijdingsmiddelen toelaat, heeft sterke aanwijzingen dat 46 middelen met PFAS erin van de markt moeten omdat ze ons drinkwater bedreigen. Dit bericht NOS op 21 april 2026.
“Vanaf deze week houdt het Ctgb de 46 middelen tegen het licht. Aanleiding is recent Deens onderzoek. Daaruit blijkt volgens het Ctgb dat PFAS-stoffen in bestrijdingsmiddelen afbreken tot TFA: een minuscule PFAS-variant die nauwelijks afbreekt, makkelijk in het grondwater terechtkomt, zich daar opstapelt en mogelijk schadelijk is voor de voortplanting.
Het Ctgb wil weten hoe de nieuwe Deense kennis uitpakt in de Nederlandse situatie. “De nieuwe Deense inzichten stoppen we in onze eigen grondwatermodellen. Daaruit moet blijken of de hoeveelheid TFA die in het grondwater sijpelt onder de Europese normen voor grondwater blijft”, legt Huisman uit.”
In Hof van Twente werd de lelieboer weggejaagd, maar dat kan na de verkiezingen weer helemaal anders zijn. ‘Lelies mooi? Niet als u dit weet’
In Hof van Twente is lelieteelt de komende anderhalf jaar verboden. Een bollenteler zorgde voor onrust in de dorpen én mensen maken zich zorgen over hun gezondheid. CDA stemde tegen de lelieteler, maar BBB en FVD – die voor het eerst meedoen aan de lokale verkiezingen – willen het besluit terugdraaien. „Één-op-één gesprekken met raadsleden hebben echt het verschil gemaakt.”
Daar, achter die rij eiken, kwam de machine met gewasbeschermingsmiddelen zeker eens per week over het lelieveld. Menno Huge wijst vanuit zijn keukenraam, in het voorhuis van een oude boerderij, over de weg. Eén perceel was het, recht tegenover zijn huis, twee jaar geleden nu.
De stoffen belandden op zijn moestuin, op de was aan de lijn, bij buren op de trampoline van de kinderen. Elke keer dat de machine spoot raakten de mensen hier in het buitengebied van Markelo iets bezorgder. Met een groepje buurtgenoten besloot Menno Huge, gepensioneerd medewerker van Natuurmonumenten, in actie te komen. Met succes. Via een uitgekiende volkslobby heeft hun ‘actiecomité’ eraan bijgedragen dat het stopt: de gemeenteraad in Hof van Twente besloot in februari dat sierteelt de komende anderhalf jaar verboden is.
Lees het hele bericht van 08-03-2026 in het NRC.
Westerveld neemt eindelijk actie, maar onvoldoende
Vanavond heeft de gemeenteraad in Westerveld eindelijk in actie gekomen: binnen een straal van 50 meter rondom woonwijken, scholen en zorginstellingen mag geen lelieteelt meer plaatsvinden.
50 meter is nog niet voldoende om burgers te beschermen, aangezien metingen laten zien dat in de eerste 250 meter rondom akkers de hoeveelheid gevonden pesticiden nog nauwelijks afneemt.
Wel betekent het dat de gemeente eindelijk erkent dat burgers beschermd dienen te worden tegen overmatig pesticiden gebruik.
Het besluit volgt op een jarenlange discussie waarin vele AARDige Buren – met als eerste de Boterveen groep-in actie kwamen tegen lelies vanwege de gevolgen van lelieteelt voor de gezondheid van omwonenden.
Met zo’n 400 hectare lelievelden is Westerveld één van gemeenten waar momenteel de meeste teelt plaatsvindt.
Sinds AARDige Buren opstonden in Boterveen, is de discussie overal in het land waar de sierbloemen worden gekweekt opgewaaid. Met name in het noorden en oosten, raakten de gemoederen in de afgelopen jaren verhit.
Lees en kijk meer op NOS.
Hof van Twente verbiedt voor 1,5 jaar alle lelieteelt
Lelieteelt in de gemeente Hof van Twente wordt de komende anderhalf jaar verboden. Dat heeft de gemeenteraad op besloten. Daarbij is er gekozen voor de meest strenge optie, waarbij de stem van het CDA doorslaggevend bleek.
Over de teelt van lelies en andere niet-biologische sierteelt wordt al tijden gesproken in Hof van Twente. Grootste zorg is het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en de gevolgen voor gezondheid en leefomgeving. Omwonenden kwamen in opstand en richtten een actiecomité op.
Hof van Twente heeft nu een termijn van anderhalf jaar om de regelgeving te verwerken in een concreet omgevingsplan.
Het is hopen dat de landelijke overheid snel komt met eenduidige maatregelen die mens, dier en natuur beschermen tegen overmatig gebruik in de lelieteelt.
Lees meer op RTV Oost: Knoop doorgehakt: tijdelijk verbod op sierteelt in Hof van Twente is daar – Oost
Rechter wil dat overheid inzage in bestrijdingsmiddelen biedt
Omwonenden, drinkwaterbedrijven en andere belanghebbenden moeten de mogelijkheid hebben om op te vragen welke bestrijdingsmiddelen agrarische bedrijven in hun omgeving hebben gebruikt. De rechtbank Noord-Nederland heeft Vereniging Meten=Weten daarin gelijk gegeven, na een slepende zaak tegen de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur.
Binnen twaalf weken moet die een nieuw besluit nemen.
Dat besluit is aan de minister, maar die moet wel rekening houden met de vonnissen in twee vergelijkbare zaken. Beroep is overigens ook nog een optie. Op dit moment is Femke Wiersma (BBB) nog de minister die hierover gaat, maar het is goed mogelijk dat binnen de gestelde termijn haar opvolger aan de slag gaat.
Gezondheidsoverwegingen
In een van de uitspraken leggen de rechters uit dat EU-wetgeving zo is bedoeld dat het voor omwonenden mogelijk moet zijn om te controleren “in hoeverre gewasbeschermingsmiddelen zijn ingezet in hun fysieke leefomgeving”. Dat stelt hen “in staat tot het maken van gezondheidsoverwegingen”.
De minister had verzoeken om informatie geweigerd, omdat de overheid niet beschikt over alle gevraagde informatie en die daarom ook niet kan vrijgeven op basis van de Wet open overheid (Woo). Ook de rechters zien in de Woo geen goede onderbouwing.
Ze wijzen echter wel op verplichtingen uit de EU-verordening over gewasbeschermingsmiddelen. Op basis daarvan moet de minister gegevens die Meten=Weten wil inzien volgens de rechtbank opvragen bij bedrijven. Die zijn verplicht hier een registratie van bij te houden.
Meten=Weten noemt de uitkomsten “een geweldige stap voorwaarts in het vergroten van de transparantie van de landbouwsector”. De organisatie verwacht dat veel anderen nu ook spuitgegevens zullen opvragen.
Dit artikel is op 20-01-2026 gepubliceerd op Villamedia.
Wat is de stand van zaken in de lelieteelt? Van waarschuwende huisarts tot nieuwe regels in gemeente Westerveld
In de afgelopen maanden belichtte DVHN van alle kanten de leliebollenteelt in Drenthe. In deze laatste aflevering van de serie plaatsen we alles nog eens in perspectief. Wat hebben we ervan opgestoken? Wat is de stand van zaken in de lelieteelt nu?
Het begon allemaal met een interview met Evelien van Soldt in DVHN op 10 mei vorig jaar. De huisarts in Wapserveen zag in haar praktijk en haar omgeving naar eigen zeggen opvallend veel patiënten met Parkinson, ALS en kanker. Ook constateerde ze meer vroeggeboorten en aangeboren afwijkingen bij kinderen.
Al snelde legde ze het verband met het gebied waar ze woont en het feit dat er veel leliebollen worden geteeld, en de hoeveelheid gewasbeschermingsmiddelen die op lelies worden gespoten. „Het is al jarenlang bekend dat mensen grote risico’s lopen door blootstelling aan bestrijdingsmiddelen”, liet Van Soldt optekenen door de dienstdoende verslaggeefster.
‘Ja, ik durf dit’
„Ja, ik durf dit”, sprak Evelien van Soldt zich uit, „iemand moet het doen en ik heb de kennis.” Dat was moedig, want de polarisatie over de lelieteelt in Drenthe groeide. Tot bekladdingen, intimidaties en bedreigingen aan toe. Ook het gezin van de huisarts kreeg daarmee te maken. Niet in de laatste plaats omdat haar echtgenoot Rieuwert de Haan zich ook steeds nadrukkelijker roerde als actievoerder tegen de lelieteelt.

Het overigens ongestaafde verband dat Van Soldt legde tussen de vele ziektegevallen in haar praktijk en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in de sierteelt, triggerde de Drentse redactie van deze krant.
We besloten daarop zelf maar op onderzoek uit te gaan. Zijn de bestrijdingsmiddelen echt zo schadelijk voor onze gezondheid? Wat gebeurt er aan onderzoek? Wat doet de overheid om ons, inwoners van Drenthe, te beschermen? Wat doen de telers zelf om het middelengebruik terug te dringen? En last but not least: wordt er echt goud verdiend met die lelieteelt in Drenthe? Of ligt het allemaal een stuk genuanceerder?
Illegaal bezig
In de verhalenserie over de bollenteelt gingen we onder anderen op bezoek bij natuurbeschermer Geert Starre uit Meppel. Voor hem is het zo klaar als een klontje: we moeten direct stoppen met het gebruik van pesticiden. De zelfbenoemd jurist vocht menig robbertje uit in de rechtszaal tegen bijvoorbeeld de provincie Drenthe. „Iedereen die met een veldspuit het akkertje opgaat in Europa is illegaal bezig”, aldus Starre.
„Waarom zou je een gewas telen waar zoveel schadelijke stoffen voor nodig zijn”, vroeg hoogleraar milieu- en gezondheidrisico’s Jeroen van der Sluijs zich af. Hij maakte zich vooral zorgen over het welzijn van insecten in de buurt van leliepercelen.
‘Ongezond voor de mens’
Frans Rooijers en Guido Nijland van burgerinitiatief Meten=Weten plaatsten op hun beurt vraagtekens bij onderzoeksinstituten Ctgb en RIVM. „Er is geen norm voor de hoeveelheid giftige stoffen in de lucht. Je ademt het in, 24 uur per dag, zeven dagen per week (..) Dat is ongezond voor de mens. Dat is wetenschappelijk bewezen.”
Wetenschapsjournalist Simon Rozendaal wordt heel moe van dat soort beweringen. De als chemicus opgeleide Rozendaal schreef een boek over de zin en onzin van toxische stoffen: Paniek om niets. Hij noemt de discussie over de lelieteelt een ‘fantoomprobleem’.
Vitamine D2 is honderd keer zo toxisch als gewasbeschermingsmiddel glyfosaat
Want het gaat er niet om dát die stoffen worden aangetroffen, maar in welke mate ze toxisch en dus schadelijk zijn, stelde Rozendaal in een interview met deze krant. „Vitamine D2 is honderd keer zo toxisch als gewasbeschermingsmiddel glyfosaat.”
Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb), gevestigd op het Horapark in Ede, is gewend aan de voortdurende kritiek op hun toelatingen van toxische stoffen in bestrijdingsmiddelen.
„Gewasbeschermingsmiddelen behoren tot de best onderzochte stoffen ter wereld. We zouden geen middelen toestaan als we weten dat ze risicovol zijn”, weerlegde Nicole van Straten, manager gewasbeschermingsmiddelen van het Ctgb, de kritiek. De (Europese) normen zijn al streng, in Nederland worden de teugels nog strakker aangetrokken. „We zijn honderd keer strenger dan strikt noodzakelijk.”
Verband glyfosaat en Parkinson?
We brachten ook een bezoek aan het Rijkinstituut voor Volksgezond en Milieu (RIVM) in Utrecht. Daar wordt momenteel onderzoek gedaan naar het verband tussen het in de landbouw populaire bestrijdingsmiddel glyfosaat en een ziekte als Parkinson. Feit is dat die relatie nu nog steeds niet onomstotelijk vaststaat, ondanks alle beweringen en publicaties daarover.

Het RIVM gaat daarbij niet over één nacht ijs. Hun wetenschappelijke onderzoeken SPARK en OBO-2 nemen enkele jaren in beslag. „Een causaal verband is de heilige graal. Dat willen we heel graag en daar werken we hard voor”, sprak projectleider en neurotoxicoloog Harm Heusinkveld de hoop uit wetenschappelijk bewijs te leveren dat die directe relatie tussen glyfosaat en Parkinson bestaat. Of juist niet.
Geboorte van Drentse lelie
De maatschappelijke onrust over het gebruik van bestrijdingsmiddelen in de lelieteelt, al dan niet terecht, leidde er in ieder geval toe dat de achttien lelietelers in Drenthe zelf in beweging kwamen. In het project Duurzame Bollenteelt Drenthe, onder leiding van het Hilbrands Laboratorium (HLB) in Wijster, werden spectaculaire resultaten geboekt. De milieu-impact van de Drentse lelieteelt werd in vijf jaar met 50 procent teruggebracht.
De verduurzamingsslag kreeg een nieuwe impuls met de ‘geboorte’ van de Drentse lelie. Over drie jaar moet de lelieteelt qua gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op hetzelfde niveau zitten als bijvoorbeeld de teelt van aardappelen.

Het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) bevestigde onlangs in een nieuw onderzoek dat het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in de lelieteelt de afgelopen vier jaar meer dan gehalveerd is.
Het betreft hier overigens landelijke cijfers. Want volgens HLB is de situatie in Drenthe zelfs nog aanmerkelijk gunstiger. „Ik vermoed dat we nu nog maar op zo’n 20 kilo gewasbeschermingsmiddelen per hectare lelieteelt zitten”, becijferde HLB-projectleider Ben Seubring.
Nieuwe bollensoorten
De provincie Drenthe jaagt de ontwikkelingen op de Drentse lelievelden aan met een forse subsidie van 750.000 euro en wil dat de telers hun progressie monitoren en zelfs publiek maken.
De telers zijn niet onverdeeld gelukkig met al die bemoeienissen van bovenaf. Zij zien wel de noodzaak van vergroenen. Maar de bijbehorende investeringen zijn fors. Er moeten compleet nieuwe bollensoorten worden aangeschaft, getest en ontwikkeld. Links of rechts mislukt nog wel eens een complete oogst. Dat kost kapitalen.
Lelies het nieuwe goud?
Dat de lelies het nieuwe goud zijn op het land, wordt door de sector zelf hevig betwist. Ja, de opbrengsten zijn hoog in vergelijking met andere teelten. Maar de risico’s ook. „Je doet het goed als de helft van alle hectares überhaupt geld oplevert”, constateerde lelieteler Gert Veninga uit Hijken in een tweeluik over de economie van de lelieteelt.
Los van de opbrengsten zijn er inmiddels andere zorgen voor de Drentse lelietelers. ‘s Lands hoogste bestuursrechter, de Raad van State, oordeelde vorig jaar dat de telers onverwijld moeten aantonen dat hun activiteiten geen schade toebrengen aan kwetsbare natuur, anders krijgen zij geen vergunning om te telen. De provincie Drenthe, die moet toezien op de handhaving, werkt nu samen met de telers aan een soort generieke voortoets.

Jurist Lolke Braaksma, verbonden als docent aan de Rijksuniversiteit Groningen, stelde vast dat regionale overheden best meer mogen doen om omwonenden te beschermen tegen de mogelijke schadelijke gevolgen van het gebruik van bestrijdingsmiddelen.
In een interview met DVHN riep Braaksma provincie en gemeenten op zelf in actie te komen bij gebrek aan landelijke regelgeving. „Vaak wordt tegen een omwonende gezegd: ga zelf maar met de boer praten. Dat is niet de oplossing. De overheid moet zijn verantwoordelijkheid nemen, regels opstellen.”
Geen nieuwe sierteelt in Westerveld
Welnu, de provincie Drenthe verbiedt inmiddels de teelt van lelies binnen 250 meter van Natura 2000-gebieden. De gemeente Westerveld kondigde half december aan dat geen nieuwe sierteelt wordt toegestaan in de gemeente binnen een straal van 50 meter van bebouwing, sportvelden of scholen. Tegenstanders gaat het allemaal niet ver genoeg. Zij eisen dat het pesticidengebruik per direct wordt verboden.
Hoe het allemaal gaat uitpakken in de toekomst, zowel voor bezorgde omwonenden als voor de leliesector zelf, zal moeten blijken. Deze verhalenserie over de bollenteelt mag dan zijn gestopt, het laatste woord is er zeker niet over geschreven.
Dit bericht is op 6-1-26 gepubliceerd in Dagblad van het Noorden
Na jaren van bewonersprotesten stelt Drentse gemeente tijdelijk sierteeltverbod in
De Drentse gemeente Westerveld verbiedt uitbreiding van sierteelt. Het gaat om een tijdelijke maatregel vooruitlopend op nieuwe regels. Veel bewoners van de gemeente maken zich zorgen over hun gezondheid omdat telers gebruikmaken van bestrijdingsmiddelen.
“Wij willen onze verantwoordelijkheid nemen”, zegt wethouder Frank Foreman (VVD) bij RTV Drenthe. “Er leven zorgen bij onze inwoners, maar ook bij de telers. Wij vinden dat we duidelijkheid moeten bieden.”
In Westerveld, met kernen als Diever, Dwingeloo en Havelte, werd de afgelopen jaren vaak gedemonstreerd door bewoners, maar soms ook door lelietelers.
De sierteelt is omstreden nadat in 2019 op meerdere plekken in Drenthe in de buurt van lelieteelt 57 verschillende soorten bestrijdingsmiddelen werden gevonden in groenten en in de bodem. Het RIVM concludeerde twee jaar later dat er een mogelijk verband is tussen die bestrijdingsmiddelen en neurodegeneratieve ziektes, zoals de ziekte van Parkinson.
Vijftig artsen, onder wie huisartsen, kinderartsen en jeugdartsen, riepen de gemeente Westerveld vorig jaar op om het gebruik van pesticiden dicht bij omwonenden per direct te verbieden.
Leliekwekers zelf zeggen dat ze zich aan de wet houden en alleen middelen gebruiken die zijn toegelaten door het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb).
Bewonersdemonstraties
De gemeente bemiddelde de afgelopen jaren meermalen tussen bewoners en telers om rechtszaken te voorkomen. Daarnaast moet wethouder Foreman regelmatig opdraven als bewoners protesteren tegen de aanleg van een sierteeltveld in de buurt van een basisschool of woonwijken.
“Ieder jaar staan we bij scholen en voeren we dezelfde gesprekken”, stelt hij. “Dan moeten we telers vragen te vertrekken op vrijwillige basis. Dat kan anders.”
We zijn een kleine gemeente en hebben geen kas om grote financiële risico’s te lopen. Frank Foreman, wethouder in gemeente Westerveld
Om te voorkomen dat boeren hun areaal fors uitbreiden of een nieuw veld aanleggen, komt hij nu met een tijdelijk verbod. In februari wil Foreman met definitieve regels komen. Hoe die er uit gaan zien, is nog niet duidelijk.
Op basis van onderzoek heeft de gemeente een aantal scenario’s uitgewerkt: van een totaalverbod tot helemaal niets doen. De voorlopige voorkeur van de wethouder en zijn collega-bestuurders gaat naar uit naar het maken van een strook van 50 meter tussen het veld met de sierteelt en de woningen en scholen. In die strook zou dan geen sierteelt meer mogen komen.
Juridisch houdbaar
“Dat blijkt juridisch het meest houdbaar”, zegt Foreman. “De Raad van State houdt nu ook 50 meter aan ten aanzien van nieuwbouw, dus dat lijkt ook handhaafbaar bij bestaande bouw. We willen geen maatregel nemen die we niet kunnen uitvoeren.”
De gemeente hoopt op deze manier ook zo min mogelijk schadeclaims van boeren te krijgen omdat ze last hebben van de maatregelen. “We zijn een kleine gemeente en hebben geen kas om grote financiële risico’s te lopen.”
Kop boven sierteeltveld
De gemeente Westerveld is een van de eerste gemeenten in Nederland die zelf initiatief neemt en regels opstelt. “We steken onze spreekwoordelijke kop boven het sierteeltveld uit”, aldus Foreman. Hij wijst erop dat ook gemeenten zoals Lochem (Gelderland), Weststellingwerf (Friesland) en Sevenum (Limburg) aan een specifiek sierteeltbeleid werken. “Wat ontbreekt is landelijk beleid. Het wordt nu een soort lappendeken.”
Het gevolg kan zijn dat uiteindelijk rechters het beleid maken, waarschuwt Foreman; omdat het niet meer gaat over wat de gemeente wil, maar wat bij de rechter standhoudt. “We willen echt dat het Rijk duidelijkheid geeft. Ook op thema’s als mest en stikstof blijft dat uit. Dat geeft in de landbouwsector veel onzekerheid.”
Dit artikel is op 18-12-25 gepubliceerd op NOS
Angst voor parkinson wint het van juridische twijfels: Lochem verbiedt lelieteelt
De angst voor parkinson, vervuild drinkwater en kapotte natuur wint het van de twijfels. De gemeenteraad van Lochem verbiedt niet-biologische lelieteelt, ook al vindt het eigen college het onnodig en lastig uitvoerbaar. „Dit soort regels horen op landelijk niveau”, zegt wethouder Marja Eggink. Maar de raad zet door.
Er mag geen niet-biologische lelieteelt meer bijkomen in Lochem, en ook bestaande percelen kunnen straks verboden worden. Dat heeft de gemeenteraad maandagavond unaniem besloten.
Bloementeelt waarbij chemische bestrijdingsmiddelen worden gebruikt, wordt eerst tijdelijk verboden totdat de nieuwe regels zijn opgenomen in het omgevingsplan.
Dat plan komt van LochemGroen! en kreeg steun van alle partijen, ondanks stevige kritiek van het college. Volgens wethouder Marja Eggink is het verbod onnodig en lastig uit te voeren. „Het gaat om een heel klein deel van ons grondgebied, slechts 0,08 procent. Wij vinden dat dit soort regels op landelijk niveau moet worden afgesproken, niet door een gemeente”, stelt ze.
Toch gaf ze aan dat het college zich aan het besluit zal houden, mits het juridisch uitvoerbaar is. „Als de raad dit besluit, voeren we het uit”, zei ze.
Brede steun ondanks kritiek
En dat gebeurde unaniem. Dus ook Marleen van der Meulen van coalitiepartij D66, ondanks haar bedenkingen. „Het verbieden van chemische middelen ligt helaas niet binnen het bereik van de gemeente. We kunnen alleen iets doen met de bestemming van percelen grond. Idealiter worden maatregelen op Europees niveau genomen, maar we stemmen wel voor.”
Ondanks de bedenkingen en kritiek vanuit het college, is Calle Janssen hoopvol over de haalbaarheid. „Het juridische advies laat geen twijfel: dit is haalbaar en het is een goed traject. Er zijn op dit moment geen aanvragen voor nieuwe lelieteelt in Lochem, maar we willen dit voor de toekomst uitsluiten.”
Gezondheid en natuur centraal
De discussie over niet-biologische sierteelt speelt al langer in Lochem. In april 2025 nam de raad unaniem een motie aan waarin het college werd gevraagd de juridische mogelijkheden voor een verbod te onderzoeken.
In september stelde het college dat een verbod niet haalbaar was. De raad trok die conclusie in twijfel en vroeg om juridisch advies van HBR Advocaten. Uit dat advies bleek dat een verbod wél mogelijk is, door eerst tijdelijke regels op te stellen en daarna het omgevingsplan aan te passen. Andere gemeenten, zoals Haaksbergen en De Friese Meren, hebben dit al gedaan.
De zorgen over niet-biologische sierteelt hebben vooral te maken met de intensieve bestrijding met chemische middelen, zoals glyfosaat. Omwonenden vrezen gezondheidsrisico’s, zoals een verhoogd risico op Parkinson, en schade aan natuur en drinkwater. Eerdere plannen voor lelieteelt in Lochem leidden tot felle protesten, waarna de gemeente de vergunning introk.
Met deze motie zet Lochem een volgende stap in de strijd tegen niet-biologische sierteelt. De komende anderhalf jaar moet blijken hoe het college dit besluit in de praktijk gaat uitvoeren en welke gevolgen het heeft voor agrariërs in de regio.
Dit bericht is op 9-12-2025 gepubliceerd in De Stentor.
Juryvoorzitter Duurzame 100 over de winnaar: ‘Pesticiden vind je in huisstof, natuurgebieden en op schoolpleinen. Dat weet nu iedereen’
Jarenlang was Meten=Weten een subtopper in de Duurzame 100. De toppositie is een kroon op het werk van de vereniging, zegt juryvoorzitter Hanneke van Ormondt. ‘Ze hebben echt wat aangezwengeld.’
De Duurzame 100 mag dan inmiddels zeventien jaar bestaan, van stilstand is allerminst sprake. Bijna de helft van de initiatieven komt dit jaar nieuw binnen. Acht van de tien categorieën hebben een nieuwe nummer 1 gekregen.
Een allesomvattende trend is daarbij lastig te bespeuren: de Duurzame 100 van 2025 biedt ruimte aan meerdere verhaallijnen. Projecten die duurzaamheid juist koppelen aan armoedebestrijding en de emancipatie van kwetsbare groepen deden het goed. Ook initiatieven die het recht inzetten om maatregelen af te dwingen wanneer de overheid dat nalaat zijn in opkomst, bijvoorbeeld in de vorm van twee collectieven van duurzame advocaten.
Ook de nummer 1 van dit jaar springt in een gat dat de overheid laat vallen. Meten=Weten maakte al jaren met eigen onderzoek duidelijk hoe wijdverspreid bestrijdingsmiddelen in de leefomgeving zijn terug te vinden. “Ze hebben echt iets aangezwengeld”, vindt juryvoorzitter Hanneke van Ormondt. “Pesticiden vind je terug in huisstof, in natuurgebieden en op schoolpleinen. Dat weet nu iedereen.” Die kennis speelde dit jaar bovendien een rol bij enkele baanbrekende uitspraken van rechters over middelengebruik.
Bestrijdingsmiddelen waren groot thema
Vooral in Drenthe, de bakermat van Meten=Weten, groeide de discussie over bestrijdingsmiddelen uit tot een groot thema. Dat was goed terug te zien in de lijst met nominaties. Daarop prijkt ook een nieuwkomer als AARDige Buren, een collectief dat omwonenden ondersteunt bij rechtszaken over pesticiden, maar dat ook via gesprekken met telers en hun buren probeert om juridische stappen te voorkomen. AARDige Buren eindigde op 7 in de categorie gezondheid.
Nieuw dit jaar was verder Gifvrij Westerveld, een initiatief van bezorgde Drentse huisartsen over de gezondheidsschade door bestrijdingsmiddelen uit de bollenteelt. Dat viel net buiten de lijst. Dat gold ook voor het Pesticide Action Network Netherlands (Pan), dat vorig jaar nog wél in de lijst stond. “De hoeveelheid initiatieven laat zien dat het thema leeft”, zegt Van Ormondt. “Meten=Weten is daarbij beloond met de eerste plaats in de lijst, maar dat straalt net zo goed af op de andere collectieven rond dit thema.”
Opvallende nieuwkomers
De jury van de Duurzame 100 bestaat uit twaalf specialisten met verschillende invalshoeken. Zij vergaderen twee middagen over wat er in de lijst met nominaties opvalt. Elk jurylid stuurt vervolgens zelf een beoordeling in: daarbij maakt ieder zijn eigen afwegingen. In die zin is de Duurzame 100-jury nooit unaniem. En zeker dit jaar niet.
“We hadden dit jaar een zeer gemêleerde jury, en dat is juist goed”, zegt Van Ormondt. “Het is mooi om de discussies te zien: ik zit bijvoorbeeld helemaal niet in de sport- en cultuurwereld en ook een deel van de startende ondernemers kende ik nog niet.” Sinds vorig jaar bestaat de Duurzame 100 uit tien verschillende categorieën met elk een eigen top 10. “Dat zorgt voor een bredere lijst.”
Welke opvallende nieuwkomers zijn haar bijgebleven? Transitietaal bijvoorbeeld, het initiatief van taalstrateeg Jens van der Weele om de terminologie van de klimaat- en duurzaamheidsdiscussie onder handen te nemen. Hij spreekt niet over het broeikaseffect, maar over een ‘hete koolstofdeken’ en ziet bijvoorbeeld de ‘plofkip’ van Wakker Dier als een succesvolle voorbeeldterm. “Heel belangrijk”, vindt Van Ormondt. “Juist rechts-populisten spelen vaak met taal en creëren zo sterke beelden. Dat zouden organisaties die zich met klimaat en natuur bezighouden veel meer kunnen doen.”
Dit bericht is op 10/10/25 gepubliceerd in Trouw